De Warche met z’n hoogten en laagten

Opnieuw een Reisverslag van Mies de Wolf

De Warche met z’n hoogten en laagten
Uiteraard maakten we al eerder kennis met de Warche in Weywertz. Al naargelang of de sluizen in Butgenbach open staan of niet, is het verschil in hoogte minstens een halve meter. Soms leek het er naar of hij zou buiten z’n oevers treden, dan weer scheen de bedding leeg te lopen. Afgelopen winter was de Warche vooral een donkere rivier die zich een weg baande in een contrasterend wit landschap. Reinhardstein, al veel over gelezen, bejubeld, geprezen. Nogal logisch dat ik dat ook wou zien. Op een mooie zonnige zaterdag, begin april, plannetjes en kaarten ter hand, gingen we op verkenning. We lieten de wagen achter onder de kerktoren van Robertville en togen richting stuwdam.



Het was voor ons vanzelfsprekend dat we eerst een flinke wandeling zouden maken. We vonden een pad en na enige tijd keken we neer op het toch wel sprookjesachtige kasteel midden in de bossen. We liepen richting Ovifat en op onze weg merkten we het kapelletje waarvan sprake in de routebeschrijving. Een open deur lokte ons naar binnen. Het Mariabeeld achter het altaar is uit hout gesneden maar daar merk je niks van omdat het beschilderd is met blauw en wit, zoals men dat met de meeste Maria-kes doet. We zetten onze tocht verder en het was eerder gokken om de juiste weg te vinden dan dat we konden rekenen op de beschrijving. Deze was dan ook al meer dan 10 jaar oud. De gekapte bomen van toen waren inmiddels vervangen door ‘n uit de kluiten gewassen bos. Eens aan de rand ervan, kregen we een magnifiek panorama. Links Reinhardstein, rechts strekte zich het dal van de Warche uit, langs beide zijden donkergroen van de sparren.


Vanaf dit mooie uitzichtpunt was het enkel nog dalen tot aan de rivier. We staken het bruggetje over. Dit is genieten van de pure natuur. Het was sterk klimmen tussen de reusachtige rotsblokken die overgroeid waren met mos.


Plots trok een gigantische waterval aan de overkant de aandacht. Is dit de hoogste natuurlijke waterval van België? In ieder geval maakte deze op mij meer indruk dan de kunstmatige in Coo. Even verder aanschouwden we het kasteel vanuit kikkerperspectief. Opnieuw een bruggetje over om vanaf daar weer te klimmen tot aan het kasteel. Het is niet groot maar wel leuk om zien. Hier werd in de zeventiger jaren flink aan gewerkt. Om dit monument van binnen te bekijken, komen we graag nog eens terug…


De dag erna trokken we opnieuw richting Warche. Deze keer verder stroomafwaarts. Ik had ergens gelezen dat er aan de rechteroever een ‘route des crêtes’ was. Deze wou ik ook eens verkennen om dan langs de andere kant langs het vlakke pad terug te keren. We parkeerden de auto in Chôdes en meteen kregen we een schitterend uitzicht.


In de verte ontdekten we de skipiste van Bévercé. We trokken het bos in maar door het enorm slingerende pad raakten we weinig vooruit. Ver beneden ons hoorden we de Warche stromen en boven ons scheen de zon.


Na enkele kilometers kwamen we in een door storm geteisterd gebied. Massa’s bomen lagen ontworteld en waren de helling afgeschoven. Het brede pad waar wij op liepen had hun val gebroken met als gevolg dat onze weg werd versperd en we over de boomstammen moesten klauteren. Stel je je onze teleurstelling voor toen we merkten dat onze weg was afgesneden – letterlijk dan – door een modderlawine. Daar was geen doorkomen aan. Opnieuw die tientallen boomstammen over? Neen, daar had niemand zin in. De steile helling afdalen was ook niet zonder gevaar maar toch verkozen we dat ipv opnieuw dat klauterwerk. Beneden was een pad te zien maar volgens mijn plan liep deze weg dood – in de Warche. Het werd nog waarheid ook. Wat nu? Niemand zag het zitten om dezelfde weg terug te gaan. Dus bottines en sokken uit, de broekspijpen omrollen en voorzichtig met onze bleke voeten in het ijskoude water. Mijn voeten deden pijn van de kou en van de harde stenen waarmee de bodem bezaaid ligt.


Al krijsend bereikten we de overkant waar we onze voeten afdroogden met de papieren zakdoekjes die we in onze rugzak vonden. Welgeteld één getuige maar die had amper oog voor ons. Zelf kampte de arme man met pech. Zijn fiets had ‘platten tube’ en zijn ‘operatie’ nam meer tijd in beslag dan de onze. Voor zover ik kon zien kreeg hij het gaatje niet in een keer gedicht zodat hij de band nog een tweede keer van het wiel moest halen. We aten onze picknick op een bank. Intussen gloeiden onze voeten gelijk houtskolen in een haard. We zetten onze weg nog even verder maar de planning om tot aan het kasteel te gaan zou niet lukken. We keerden langs dit mooie pad terug stroomafwaarts. In tegenstelling tot de ‘crêtes’ waren we hier niet alleen. Het was soms te druk naar mijn zin. Aan de camping ‘Du Moulin’ aangekomen, trakteerden we ons op een stevige pint in het met antieke potten en pannen getooide café. Met vernieuwde energie begonnen we aan de laatste zware klim naar Chôdes. Einde van een avontuurlijke wandeling waar we de Warche niet alleen gehoord en gezien hebben maar ook aan de lijve gevoeld.


Nu bijna 2 maand later en met veel slechter weer, bezochten we Reinhardstein. We lieten de wagen op de parking aan het stuwmeer. Met opgestoken paraplu en tegen de wind in liepen we over de dam om dan links meteen het bos in te duiken. Indien je vanaf daar de gele ruitjes volgt, kom je vanzelf aan het kasteel uit. Vorige keer leek het er wel ‘opendeur’, nu was alles slotvast. Ha, een wandeling om het kasteel en een eindje langsheen de Warche was ondanks het slechte weer een goed alternatief om de tijd te verdrijven. De regen kwam met bakken naar beneden en het anders zo mooie pad veranderde bijna in een beek.


Toch ontglipte ons niets van de schoonheid. Het geluid van de bruisende rivier, de varens die hun weertje wel hadden, de ontluikende bloempjes van de brem iets minder…In de hoop dat nu de poort wel open zou zijn, keerden we terug. Krijtpijlen op de grond verraadden dat mountainbikers hetzelfde pad werden opgestuurd. We staken het houten brugje over en klommen opnieuw tussen de bemoste rotsblokken omhoog en kwamen daar een mountainbiker tegen. Ocharme de jongen. Zijn fiets zag er niet gezond uit. Het achterwiel zat geblokkeerd, de ketting lag in de knoop met de versnelling. Niet alleen de wanhoop droop van de fietser af maar ook het slijk. Hij vroeg ons de weg naar het dichtstbijzijnde dorp. We vertelden hem dat Ovifat wel in de buurt is maar dat er toch wel wat klimwerk aan te pas zou komen. Bovendien moest hij de hele weg zijn fiets dragen. En wij maar zeuren dat de wind met de paraplu speelt…


Geen 2 stappen verder hoorden we het gebulder van de waterval. In vergelijking met vorige keer was hij nu veel krachtiger. Niet moeilijk met zo’n weer. Het kasteel prijkte nog even triomfantelijk boven op de rots maar het hek was en bleef gesloten. Niet veel later stonden er naar schatting honderd mensen met een paraplu boven het hoofd te wachten op de rondleiding. Een taverne hier zou gouden zaken doen. Maar er is niets, geen drankje, geen droog plekje, geen bank om op te zitten. Wachten dus in de kille regen. Om vijf voor half drie ging het slot van het hek maar we kwamen nog geen meter vooruit. De man die open deed sprak geen woord. Elke minuut keek hij op zijn klok. Uiteindelijk kwam er een wagen aan met daarin onze gids. De dame vroeg de Franstaligen mee te gaan met meneer. Van deze grote groep kleurrijke paraplu’s – meer was in feite niet te zien – volgden welgeteld 2 personen. Het resultaat was dat amper een vierde van de aanwezigen onze gids kon horen. Een herhaling voor de staart van de groep was er niet bij, ook niet binnen.


Ze vroeg om de Vlamingen, die volgens haar net zo goed Frans verstaan, zich bij haar collega te voegen. Ook dit bracht weinig zoden aan de dijk. Waar het uur van de rondleiding al een half uur later was, was ook de inkom van 5,5 naar 6 euro opgetrokken. De man ‘zonder stem’ liet zijn groep dan nog voor wat ze was en ontving de euro’s van onze groep. Het was zonder overdrijven een chaotische bedoening. Binnen in het kasteel was het drummen en afwachten tot de ene groep de zaal verliet om plaats te maken voor de andere. Neen, wat organisatie betreft: een dikke 0! Het neemt niet weg dat het kasteel zowel buiten als binnen de moeite waard is om zien en gelegen is in een schitterende omgeving!


Als je door het raam kijkt, zie je honderd meter lager een nietige Warche. Professor Overloop had wel een knappe collectie antiek bijeen verzameld alleen jammer dat het allemaal een beetje door elkaar staat. Eerst een schilderij uit de 18de eeuw, daarnaast een harnas uit de 14de eeuw en dan weer een wandtapijt uit de 16de eeuw enz…Allemaal een beetje verwarrend toch.


De vele kleine kinderen hun geduld werd danig op de proef gesteld. Niet alleen werd het hek achter onze rug op slot gedaan maar ook de kasteeldeuren zelf! Dit om de mensen van het volgende uur tegen te houden maar dit is gewoon niet verantwoord! Zo on-in-neem-baar als het vroeger was, zo on-ont-koom-baar is nu dit sp(r)ook(jes)kasteel. Wie van mij een pluim verdient is Professor Overloop die met eigen middelen van de ruïne opnieuw het Reinhardstein maakte tot wat het nu is.

Geplaatst in Lente 2006, Reisverslagen Lezers.

4 reacties

  1. De Warche

    Beste Mevrouw de Wolf,

    Jou beschrijving over een wandeling langs de Warche brengt mij 10 à 15 jaar terug in de tijd. Toen had je vanaf de “barage” van Robertville nog een adembenemend zicht op de vallei van de Warche. Twee jaar geleden , toen het meer van Butgenbach droog stond ( ik heb er prachtige foto’s van ) en we even uitweken naar Robertville, stond ik stomverbaasd te kijken hoe “plat” de vallei eigenlijk was. De bomen , rechts vanop de barage gezien, waren gerooid. Vroeger gaven die bomen een dieptezicht waardoor de vallei werkelijk indrukwekkend was.
    Maar de wandeling stroomopwaarts de Warche en verder bij de samenloop stroomafwaarts de Bayonne tot aan “Moulin de Bayonne” is een van de mooiste van de Oostkantons. Weet je dat je even verder in de Bayonne klatergoud kunt vinden?( klatergoud is pyriet, een gesteente dat blinkt als goud).
    Mijn echtgenote kan die wandelingen niet meer aan. Virtueel blijf ik ze doen via deze weblog.
    En beste Mevrouw de Wolf, zoek eens naar dat klatergoud en laat me eens weten of je het er nog kunt vinden.

    Groeten,
    Fernand Allemeersch

  2. Hallo,

    Mies, dan hebben jullie wel de verkeerde dag uitgekozen om Reinhardtstein te bezoeken, want voor een paar jaar hebben wij dat met onze oudste ook gedaan en dat had bij ons wel een goede indruk gemaakt. De jongens hebben het kasteel voor drie jaar ook met de kleuterklas bezocht en dan was de gids ook verkleed als burchtjonkvrouw en had ze aangepaste verhalen voor de kinderen.
    Als onze jongens een wandeling willen maken en ze mogen zelf kiezen is het meestal daar in de buurt omdat men daar nog kan klimmen en nog een beetje wild en avontuurlijk is, terwijll de wandeling rond het meer in Bütgenbach hun niet meer aanspreekt, omdat ze die weg hebben veranderd voor kinderwagens en fietsers. Dat heeft ook zo zijn voordelen maar niet voor jongens rond 7 en 9 jaar.
    Mies, wat ook een mooie waterval was is die van Bayehon in Longfaye, maar daar hebben ze ook al de bomen rondom weggedaan en is dat meeste mooie er wel af.

    Tot we elkaar nog eens zien in WWW

    Ria

  3. Ria, Fernand,
    Telepathie of niet, het is nu zondagavond half negen en we zijn net terug van een 3 uur durende wandeling langsheen, jawel, de Bayehon mét de mooie waterval. Het pyriet hebben we niet gezien-ook niet naar gezocht trouwens. Langsheen de G’Haster zijn we weergekeerd naar het Natuurparkcentrum van Botrange en in Mont-Rigi onze lege magen terug gaan vullen. Een echte aanrader als afsluiting van een prachtige dag!
    Groeten,
    Mies

  4. Hallo Hubert,

    Het schilderwerk ziet er in de realiteit nog mooier uit dan op de foto’s, we zagen een echte vakman aan het werk! Deze week verbleven we in de streek. We waren gelogeerd in “Hotel Grüner Baum” in Büllingen . Met krokus denken we eraan te boeken in “Gasthof Seeblick” in Berg (ervaringen?). Maandagnamiddag startte onze wandeling vanaf de school richting “Mühlenberg” in de striemende regen. Even dachten we er aan om aan te bellen om ons te drogen bij een kopje warme koffie, maar we zagen geen beweging en stapten dus maar door, gelukkig bleef het al vrij vlug over met regenen. Ook de volgende dagen bleef het droog tijdens onze wandelingen. Een aanrader: een prachtige wandeling langs de snelstromende rivier “Getzbach” tussen Eupen en Monschau, parking Ternel! Hier is ook nog wat schilderwerk! Zin? Groetjes

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *